Internationale ontmoetingen op het toneel

Stereotypen over het Ottomaanse Rijk
Geschreven door Ghizlan El Hachimi

In de zeventiende eeuw kwamen verschillende soorten mensen vanuit de rest van de wereld naar de Nederlandse Republiek. Internationale handelaren en diplomaten waren om politieke, economische en culturele redenen te vinden in een stad als Amsterdam. Deze interculturele ontmoetingen zijn door schrijvers en kunstenaars verbeeld, bijvoorbeeld in Gerrit Berckheydes beroemde schilderij Het stadhuis op de Dam in Amsterdam (1672), waar Ottomaanse handelaren in niet-westerse kleding centraal worden afgebeeld.

Het Ottomaanse Rijk

Het internationale karakter van Amsterdam zien we niet alleen terug in de beeldende kunst, maar ook in de Stadsschouwburg, vanaf 1638 hét theater van de stad. Het theater was een plek waar het leven werd uitvergroot en waar schrijvers op scherpe en humoristische manier met maatschappelijke ontwikkelingen aan de haal konden gaan. Al die nieuwe mensen in de stad zorgden er namelijk ook voor dat dat Amsterdammers geboeid raakten door andere culturen en religies. ’t Verwarde Huwelyk (1667), een toneelstuk van amateur-toneelschrijver Pieter Nederhoven, is een treffend voorbeeld van de manier waarop het steeds internationaler wordende karakter van de Republiek werd verbeeld.

In ’t Verwarde Huwelyk komen klassieke thema’s van het blijspel terug. Bedrog, manipulatie en humor staan centraal in Nederhovens stuk over een vader en zoon, Geronte en Horatius, die terug naar huis keren na jarenlang gevangen te hebben gezeten in het Ottomaanse Rijk. Omdat ze zijn ‘gekleet op de manier der Turken,’ wekt hun verschijning verbazing en wantrouwen, wat door Nederhoven wordt ingezet als een komische noot. Horatius, de zoon, was gevangengenomen op een schip, slaaf gemaakt en verkocht in het Ottomaanse Rijk. Zijn vader, Geronte, had hem na een lange zoektocht gevonden en vrijgekocht. Ze hadden een lange tijd in het Ottomaanse Rijk doorgebracht, waardoor Horatius zijn moedertaal niet meer sprak en vader en zoon bijna onherkenbaar waren geworden voor hun buren.

De zogenaamde ‘Turkse’ kaapvaart speelt dus een centrale rol in Nederhovens stuk. Dat is niet vreemd, want in de loop van de zeventiende-eeuw werd de kaapvaart en de daaropvolgende slavernij van Nederlandse zeelieden een groot probleem voor de Nederlandse Republiek. In de jaren voor de première van ’t Verwarde Huwelyk had admiraal Michiel de Ruyter al meerdere diplomatieke missies naar Algerije en Tunesië geleid, met als doel om tot een verdrag te komen. Toch konden Nederlandse schepen en bemanning nog altijd niet zonder gevaar voor kaping varen in de Middellandse Zee.

Stigmatiserende ideeën

Nederhovens stuk weerspiegelt dus internationale problemen die in de maatschappij werden gevoeld. De tot slaaf gemaakte mannen werden natuurlijk gemist in havensteden als Amsterdam. Familieleden en vrienden gingen regelmatig langs deuren en kerken om geld op te halen waarmee ze de gevangen hoopten vrij te kopen, zogenaamde collectes. Op het toneel kon dit serieuze onderwerp met humor en intrige worden verbeeld. Neerbuigende ideeën over mensen in andere delen van de wereld gingen met dit soort verbeeldingen gepaard. Zo maken Nederhovens personages het Ottomaanse Rijk en de cultuur die daarbij werd ingebeeld regelmatig belachelijk:

ANSELMUS
Maar, waar toe u gekleet in zulk een vremd gewaad?
Of danst gy een Ballet, dat gy voor mom dus gaat?

GERONTE
U lust te boerten, heer, toch eindlijk zult gy weten,
Dat, in Turkyen, ik mijn kleeders heb gegeten.

Echter, ’t Verwarde Huwelyk is gelaagder dan de bovenstaande uitwisseling doet denken. Het stuk brengt inderdaad stigmatiserende ideeën over de Ottomaanse wereld op het toneel, maar het drijft ook de spot met Anselmus’ onwetendheid:

ANSELMUS
Hoe! eetmen in dat land zijn kleeren op? dat ’s vreemd.

GERONTE
O ja! maar niet alzoo gelijk als gy het neemt.
Weet, als den honger drong, en ’t gelt my had begeven,
Dat dit de middel was noch, voor een tijd, te leven.
Ik heb die daar verkocht, heer, tot mijn onderhoud.

In deze situatie is niet de ‘verturkste’ buurman het lachertje, maar Anselmus met zijn simplistische ideeën over de Ottomaanse wereld. Je zou kunnen zeggen dat Nederhoven het publiek in de val lokt. Het publiek heeft waarschijnlijk gelachen om de mannen in ‘exotische’ gewaden en ook de opmerking over het balletdansen is kleinerend bedoeld. Vervolgens echter, wordt de onzinnigheid van zulke stereotypen benadrukt door Geronte. Hij heeft ervaring uit de eerste hand en heeft de Ottomaanse wereld zelf meegemaakt.

Literatuurwetenschapper Frans Blom wijst op het ‘beoogde lach-effect’ in ’t Verwarde Huwelyk. Hij bevraagt of het publiek zich heeft willen identificeren met de stereotyperende ideeën van de thuisblijvers of juist niet. De aannames van Anselmus zijn zo kortzichtig, dat het komische effect van het stuk moet hebben gelegen in de verregaande, domme aannames van de thuisblijvers, en niet in de verturkste christenen. In de zeventiende eeuw groeide Amsterdam uit tot een wereldstad en de inwoners groeiden mee. Hoewel er helaas ook sprake was van stereotypen en vreemdelingenhaat, raakten Amsterdammers gewend aan internationale ontmoetingen en ontwikkelden ze kosmopolitische ideeën.

Theaterrepetities voor een 21e-eeuwse opvoering van 't Verwarde Huwelyk (1667)

Ghizlan El Hachimi bespreekt als dramaturg een scène uit ’t Verwarde Huwelyk met Jeroen van Arkel en Jonas van Veen.