Buiten het gareel

Suwarsih Djodjopuspito, 1940

Buiten het gareel van de Indonesische schrijfster Suwarsih Djodjopuspito (in ouderwetse spelling Soewarsih Djodjopoespito) is een unieke roman: het is de enige roman uit de koloniale tijd die is geschreven door een oorspronkelijk Indonesische, nationalistische auteur, die zich ook bewust is van haar positie als vrouw. De roman beschrijft hoe het echtpaar Sulastri en Sudarmo in opstand komt tegen het koloniale systeem. Djodjopuspito schreef in het Nederlands en het boek werd in Nederland uitgegeven, maar het was geen succes.

 

Censuur

Suwarsih Djodjopuspito was een Indonesische nationalist. Ze kwam jarenlang op voor de onafhankelijkheid van Indonesië. Omdat de Nederlandse overheid de kolonie Nederlands-Indië ook na de Tweede Wereldoorlog graag wilde behouden, kregen mensen die antikoloniaal waren geen podium. Ook voor de oorlog was dit al het geval. In de koloniale tijd censureerde het Nederlandse gouvernement iedereen die kritisch was op de Nederlandse overheersing in de Indonesische archipel. Het leven werd critici moeilijk gemaakt. Ze konden vaak geen baan krijgen en werden bedreigd en vervolgd. Er bestond zelfs een concentratiekamp genaamd Boven-Digul in West-Papua, waar mensen met nationalistisch of communistisch gedachtegoed naartoe werden verbannen.

Eigenlijk nu pas, in de 21ste eeuw, hebben we meer aandacht voor de perspectieven van mensen die in de Nederlandse koloniën onderdrukt werden. Een goed voorbeeld daarvan is het boek Wij Slaven van Suriname van de antikoloniale Surinaamse verzetsman Anton de Kom, dat in 2020 opnieuw met succes werd uitgegeven. In 1986 verscheen al een nieuwe uitgave van Buiten het gareel maar ook toen was er weinig aandacht voor het boek. Misschien komt daar nu verandering in en ontstaat er ook meer belangstelling voor een boek als Buiten het gareel.

Autobiografisch

Buiten het gareel gaat over hoe moeilijk en zwaar het leven in Nederlands-Indië was als vrouwelijke Indonesische nationalist in de jaren dertig. Djodjopuspito baseerde het verhaal op haar eigen leven en dat van haar echtgenoot Sugondo. In het boek heten zij Sulastri en Sudarmo. Het verhaal begint op het moment dat Sulastri slecht nieuws krijgt van de Indonesische uitgeverij Balai Pustaka. Ze willen het manuscript van Sulastri dat zij in het Sundaas schreef niet uitgeven, omdat het volgens de uitgeverij niet voldoet aan wat het volk graag leest. Met pijn in haar hart besluit Sulastri daarom haar manuscript in het Nederlands te schrijven. ‘Die nacht begon ze aan nieuwe bladzijden, die haar revanche moesten worden.’

Wilde scholen

Sulastri blikt vervolgens terug op haar leven als nationalist en echtgenoot van een nationalist. Haar herinneringen beginnen in 1933. Sulastri en Sudarmo zijn voor de zoveelste keer verhuisd en betreden hun nieuwe woning. Ze verkeren in constante onzekerheid en geldgebrek en moeten steeds vluchten voor de koloniale politie; ze hebben immers gekozen voor een leven buiten de gebaande paden. In plaats van samenwerken met de koloniale overheid, komen zij juist in opstand tegen de oneerlijkheid van het koloniale systeem.

Wat Sulastri en Sudarmo voornamelijk doen, is lesgeven op zogenaamde wilde scholen. Dit zijn scholen die Indonesische intellectuelen in de jaren twintig en dertig steeds vaker oprichtten voor de oorspronkelijke bevolking van Indonesië. Deze scholen kregen geen financiële steun van de koloniale overheid. Sulastri en Sudarmo zelf kwamen uit welgestelde gezinnen en behoorden daardoor tot een kleine groep Indonesische jongeren die wel toegang hadden tot Europees onderwijs. Zodoende hadden zij geleerd over Europese waarden als democratie en vrijheid. Wat vreemd, dachten ze, dat die waarden voor het merendeel van de Indonesische bevolking niet gelden.

Apartheid

Zo bestond er geen democratie in Nederlands-Indië en konden de meeste Indonesische kinderen niet naar school. Bovendien was er binnen het juridische systeem sprake van apartheid. De oorspronkelijke bevolking werd aangeduid als ‘inlanders’, een denigrerende term die we vandaag de dag niet meer gebruiken. De ‘inlanders’ hadden minder rechten dan Europeanen. Sudarmo zegt in Buiten het gareel tegen een politieagent die zijn spullen in beslag neemt: ‘Honderdtachtig Hollands-Inlandsche scholen voor een bevolking van zestig miljoen. Zegt u eens, eerlijk, is dat niet een beetje weinig? Vindt u dat zelf niet een beetje treurig?’ Hij wil hiermee aan de politieagent zijn idealisme verklaren. Het helpt niet. Zijn spullen worden in beslag genomen en hijzelf moet mee naar het politiebureau.

Idealisme boven comfort

Naast lesgeven, maken Sulastri en Sudarmo ook een nationalistisch krantje. Ook dat is een activiteit die hun leven in gevaar brengt. Sulastri heeft het vaak moeilijk met hun onzekere bestaan. Ze kunnen soms geen eten betalen en hun woning heeft nauwelijks meubels. Ze zijn vaak afhankelijk van financiële steun van familie en vrienden. In het volgende fragment beklaagt Sulastri zich tegenover Sudarmo omdat zij financiële steun ontvangen van vrienden en Sulastri zich daar schuldig over voelt. Vervolgens wordt Sudarmo kwaad en hij legt uit:

‘Wij eten geen genadebrood; wij werken toch hard voor de zaak! (…) En veel vragen wie toch niet voor dit werk, een kamertje in het schoolgebouw, een bordje rijst met groente en gedroogde vis plus tien gulden zakgeld. Ik voel niet, dat wij parasiteren, want we geven ons geheel. In ieder geval, men kan ons niet verwijten, dat wij luieren en rijk hebben wij het absoluut niet. Als je de nationale zaak goed wil dienen, moet je je burgerlijke moraal maar opzij zetten. Je moest zelf niet terugschrikken voor een moord.’

Buiten het gareel is ook een feministische roman. Sulastri denkt vaak na over haar positie als vrouw binnen de nationalistische beweging en binnen haar huwelijk met Sudarmo. Ze voelt zich vaak niet Sudarmo’s gelijke en heeft het gevoel constant offers te moeten brengen voor zijn geluk. ‘Sudarmo’, dacht ze, ‘denkt alleen maar aan zichzelf; het lot heeft me hetzelfde gebracht als elke andere vrouw in mijn toestand: zorgen en afstand doen van alles.’ Toch kiest ze er uiteindelijk voor om idealisme belangrijker te vinden dan comfort. Dit was ook zo in Djodjopuspito’s eigen leven. Haar hele leven, ook na de Indonesische onafhankelijkheid, is ze zich blijven inzetten voor rechtvaardigheid, ook al betekende dit dat zij en haar echtgenoot weinig geld hadden en uiteindelijk eind jaren zeventig in armoede stierven. Buiten het gareel verscheen in 1940, op initiatief van de bekende Indo-Europese schrijver E. Du Perron, vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. Op dat moment, maar ook in de jaren na de oorlog, bleken maar weinig mensen in Nederland geïnteresseerd in Djodjopuspito’s verhaal.