Piet Hein verovert de Zilvervloot

In 1621 werd de West-Indische Compagnie (WIC) opgericht. Deze organisatie kreeg het recht om handel te drijven met gebieden in West-Afrika, en Noord- en Zuid-Amerika. Daarnaast kreeg de WIC van de Staten-Generaal ook toestemming voor de kaapvaart. Dat hield in dat Nederlandse schepen jacht mochten maken op Spaanse handelsschepen. De winst werd onder andere gebruikt om de oorlog tegen Spanje te financieren. Tussen 1622 en 1637 werden 547 Spaanse schepen buitgemaakt. De grootste klapper was de verovering van de Zilvervloot door admiraal Piet Hein in 1628. Zijn succesvolle tactiek in een baai bij Cuba leverde de Republiek honderden kisten met zilver en talloze zilveren gebruiksvoorwerpen op en Piet Hein eeuwige roem. Hij werd triomfantelijk ingehaald in Den Haag, waarbij onder andere het volgende loflied klonk:

Welkom, welkom, kloeken Hein,
met uw zeilen groot en klein.
Welkom, welkom, vromen held,
met uw schatten en uw geld.
Welkom, welkom, edel bloed,
met uw groot gewonnen goed.
Welkom, welkom, welkom heer,
zo begonnen, zo nog meer.

Ook voor de West-Indische gebieden werd reclame gemaakt. In de anonieme roman Wonderlicke avontuer van twee goelieven (1624) keert een van de hoofdpersonen schatrijk terug uit West-Indië, dat omschreven wordt als ‘Aards Paradijs’. De werkelijkheid was minder eervol omdat de West-Indische Compagnie volop deelnam aan de slavenhandel.